Facebook

Volg ons

Ik heb heel veel emotie, niet dat ik niet denken kán, maar mijn lichaam, met name mijn mond, is meestal sneller dan mijn hersenen. Dat is wel eens lastig, vooral voor mijn omgeving, maar is ook heel mooi soms. Mensen weten meteen waar ze aan toe zijn aangezien mijn reactie over het algemeen toch duidelijk aangeeft hoe ik erover denk.

Afgelopen jaar had ik heel veel last van mijn emoties. Misschien begon het al wel een aantal jaren geleden. Mijn beste kameraad zei toen tegen me: 'Als iedereen zo met zijn dieren om zou gaan als jij zou ik gewoon nog vlees eten.'

Ik wist toen wel dat hij een heel groot compliment probeerde te maken, maar eigenlijk zei hij op dat moment: ik vertrouw boeren niet. Ik heb er niet zoveel op gezegd, de opmerking is echter wel blijven hangen.

Het laatste jaar kreeg ik steeds meer het gevoel dat we als veehouderij een hoek in gedrukt werden. Alsof het niet goed is om van dieren te houden en dieren te houden. Als je maar vaak genoeg hoort dat wat je doet niet goed is ga je het namelijk zelf ook een beetje geloven. Ik begon dus waarachtig een beetje minder trots te worden op wat ik deed. En dat doet pijn. Op een rare manier heeft de bezetting van het varkensbedrijf in Boxtel mij hierin juist heel erg geholpen. Wat in Boxtel gebeurde klopte van geen kant, maar ik dacht wel ineens waarom trek ik mij iets aan van mensen die zelf dieren een dag lang in de stress laten zitten. En waarom ben ik opeens niet meer zo trots op mijn beroep.

Als ik naar de legpluimveehouderij kijk, dan kan ik echt heel erg trots zijn wat we de afgelopen twintig jaar met dierwelzijn vooruit zijn gegaan. En als ik naar mijn koeien kijk.... Dat zijn de koeien die uiteindelijk nazaten zijn van de koeien van mijn opa's opa's opa en dan weet ik zeker dat ze er stukken florissanter bijlopen dan toen. Ik ben samen met mijn collega's onderdeel van een hele mooie kringloop, die voedselproductie heet. Waarbij mijn dieren dierlijke eiwitten leveren die essentieel zijn voor de mens. Maar ook mest dat weer nodig is om planten te laten groeien. En hier ben ik niet gewoon trots op, maar super trots!

Hans Brinke

Meimaand. De maand waarin het maaien van de eerste snede gras van het jaar 2019 centraal staat. Het gras zit weer in de ‘kuil’. Nee, niet een gat in de grond, maar een hoop gemaaid, gedroogd en gesneden gras wat we goed aanrijden en laten conserveren tot kuilgras. Dit gras wordt gevoerd aan de koeien op stal. Naast kuilgras krijgen onze koeien maïs, brok én halen ze zelf gras uit de weide. ’s Ochtends na het melken gaan ze naar buiten en in de middag halen we de dames weer op.

Succesfactoren voor een eerste snede gras is dat er een mooi gewas staat, de lengte goed is en het met goed weer geoogst wordt. Goed weer betekent hier dat het droog is en het liefst ook nog een beetje zonnig, winderig zodat het gras iets droogt.

Zo ging het ook in de week van 13 mei. De helft van de eerste snede hadden we al eerder gemaaid. Het leek een droge week te gaan worden,

alles stond op scherp en we zochten naar de beste planning voor het maaien en ophalen van het gras. Het weerbericht werd fanatiek geluisterd. Buienradar.nl; weeronline.nl; knmi.nl; ze stonden allen in de favorieten van de bezochte internetpagina’s. Planning luidde: dinsdag maaien, woensdag schudden en donderdag in de kuil. Op het moment dat dit besloten werd, wijzigde de weersvoorspelling toch iets. Donderdagmiddag kwam er misschien toch een buitje regen. De planning wijzigde: maandag maaien, dinsdag schudden, woensdag in de kuil. Gelukkig hebben we een flexibel team van mensen en kunnen we het schuiven. Het gras is mooi in de kuil gekomen en de regen was vervolgens zeer welkom voor de groei van de tweede snede gras.

In een gemiddeld jaar halen we 4 tot 5 snedes gras van het land. Dit kuilgras, aangevuld met ander producten, wordt gedurende het jaar door onze koeien omgezet naar heerlijke melk!

Het is een hele uitdaging, onder invloed van de weersomstandigheden, de gewenste kwaliteit voer te oogsten. Geen jaar is gelijk; te droog, te nat… Het is ieder jaar opnieuw een spannende tijd!

Geke Enting

Onlangs was Boxtel in het nieuws. Een varkensstal waar 125 activisten binnen gedrongen waren en 100 activisten buiten stonden. De activisten zaten op het gangpad tussen de varkens. Voor hen een geslaagde media actie, maar niet wetend dat een varkensstal erg hygiënisch is. Ziektes kunnen er makkelijk binnen dringen. Daarnaast zijn varkens erg gevoelig voor stress. Ik hoop voor de varkens en de boer, dat de varkens hier niet onder te lijden hebben gehad en dat er geen ziektes de stal binnen gedrongen zijn.

Waar ik van schrok waren de personen op social media die deze actie goedkeurden. Zij vinden dat de boeren meer moeten laten zien wat er achter de deuren gebeurt. Voor ons als agrariërs is dit een nieuwe manier van werken. Elke dag 24/7 staat in het teken van het verzorgen van je vee, zorgen dat het zaad op tijd in het land zit, boekhouding enzovoort. Dit geldt voor alle bedrijven in de agrarische sector: veehouders, akkerbouwers, bloembollentelers, varkenshouders. Dit werk zit zo in ons systeem dat we vergeten te vertellen wat we aan het doen zijn. Iedere agrariër is trots op zijn of haar bedrijf! Als je vragen hebt, klop aan de deur, vraag wat we doen!

Daarnaast worden er verschillende open dagen gehouden. De Campina open boerderijdagen, met veehouderijbedrijven in heel het land die de deuren open zetten. Op Tweede Pinksterdag de boerderijen puzzelfietstocht in Beilen. Diverse bedrijven geven een kijkje achter de muren. Wij zullen ook onze deuren open zetten.

De dierenartspraktijk heeft ook regelmatig een open dag. Bezoek deze. Dan kun je je vragen stellen, zien hoe het er aan toe gaat in de praktijk.

Graag verwelkomen we je!

 

Wenda Bolhuis

Omgang met grote dieren, zorg dat ze niet van je schrikken.

Iedereen die met koeien of paarden omgaat zal het herkennen, de dieren vinden het prettig om te weten dat er iemand aan komt. Rustig naar de dieren toe lopen wanneer je hen in het hok af stal benadert. Dat geld vooral wanneer je als vreemde de stal in komt die ze niet dagelijks zien, zoals de dierenarts.

Zo raak ik altijd rustig de staart aan, om de koe gerust te stellen voordat ik de temperatuur opneem bij een preventieve check up of bij een patiënt. Bij onderzoek van hart en longen leg ik vaak even een hand op de rug, tot het dier rustig gewend is, dan pas met de stethoscoop ter hoogte van de ribben om naar de longen en het hart te luisteren. Voordat een dier een prikje krijgt voor een vaccinatie, een langwerkende pijnstilling of heel af en toe antibiotica, laten we het dier ook wennen aan contact door een stevige hand op de staart of tegen het hoofd. Dat stelt ze vaak gerust. Een prikje doet een koe meestal geen pijn, het is vooral de schrik.

Ondanks de rustige benadering schrikt er af en toe toch een koe, die kan opspringen, een trap naar achter geven of langs (of over) je heen sprinten. Zo gebeurde het tijdens een bedrijfsbezoek dat koe Dora schrok, hard achteruit sloeg, recht op mijn knie. Een minuut of 5 zag ik sterretjes en was ik bang dat mijn knie stuk was. Na een dag stijf lopen trok het gelukkig vrij snel weg. De boer die er vlakbij stond schrok ook heftig van deze trap, hij heeft namelijk een hele rustige koppel met koeien.

Enige weken later maakten we een rondgang Koekompas. Dat betekent 1x per jaar samen met de veehouder 40 punten op het bedrijf langs lopen die er allemaal aan bij dragen dat de koeien gezond zijn, de melk gezond en het welzijn goed. Na een rondgang over het bedrijf in een uurtje, bespraken we de belangrijkste tips onder het genot van een bak koffie. Tot mijn verassing was er een groot stuk taart, om te vieren dat het goed afgelopen was met mijn knie. Hoe leuk is dat!

Koeien en paarden, veel mensen werken er iedere dag mee. Ze wegen met gemak 650 kg. Altijd met rust en respect benaderen, vanzelfsprekend voor de boer, maar ook onmisbaar om veilig te kunnen werken. 

Bernd Hietberg

Van veel mensen krijg ik de vraag waarom ik na 10 jaar installatietechniek de overstap heb gemaakt naar de varkenshouderij. Het is begonnen met mijn huidige vriendin, dochter van een varkenshouder.

Eén van haar zussen zorgde vroeger tijdens de zomervakantie van mijn schoonouders voor de varkens, maar dat was op een gegeven moment niet meer te combineren met haar werk. Toen bood ik aan om in de vakantieweek voor de varkens te zorgen.

Na een paar jaar één weekje in de zomervakantie voor de varkens te hebben gezorgd, zag ik in dat mijn ervaring vanuit de installatietechniek ook wel handig is in de varkensstallen. En bood ik aan om mijn schoonvader op de zaterdag te helpen met klussen op en rond de boerderij.

Zo leerde ik dat er achter de stalraampjes van een varkensboer heel anders wordt gewerkt dan bij mijn opa, die melkveehouder was en waar ik als kind regelmatig te vinden was. Mijn opa zei altijd: ‘zodra je een boerendochter aan de haak slaat, tel dan de stalraampjes.’ Ineens had ik er één gevonden met veel raampjes. Niet wetende dat de rekensom bij een varkenshouder iets anders is dan bij een melkveehouder, als het om de stalraampjes gaat.

In de loop van de jaren ging ik steeds een dag minder werken in de installatietechniek. Ik merkte namelijk dat ik het werken met de varkens en de bedrijfsvoering er omheen steeds leuker vond. Zo werd ik met dit ‘virus’ besmet.

Vanaf 2018 ben ik helemaal gestopt met de installatietechniek. Het was wel even een ommezwaai, maar ik was al snel gewend aan het boerenleven.

De bedrijvigheid/management heeft mij behoorlijk verrast. Om boer te blijven is tegenwoordig een hele uitdaging. Je bent namelijk continu bezig om je bedrijf ‘up to date’ te houden.

Zo hebben we plateaus in de afdelingen gemaakt, zonnepanelen gelegd, koeling in het ventilatiekanaal gemaakt voor als het zomers erg warm wordt en hebben we ledverlichting geplaatst in de stallen. Ook zijn we de afgelopen jaren overgegaan naar het ‘beterleven’ concept. Dit om het bedrijf toekomstbestendig te maken.

Ik heb er geen spijt van gehad dat ik de overstap naar varkenshouderij heb gemaakt. Geen dag is hetzelfde met levende dieren.

In 1991, toen ik 5 was, was er een postbus 51 campagne met als boodschap “een beter milieu begint bij jezelf”. De laatste weken hoef je de krant of internet maar te openen en je komt het tegen; de boer heeft het gedaan! De landbouwsector maakt de zwaluwen dood, zorgt er voor dat er geen insecten meer zijn, maakt het landschap dood, zorgt voor de overmatige CO2 uitstoot, maken het klimaat kapot, mishandelen hun dieren en zo kan ik nog wel even doorgaan. Vaak zijn deze “feiten” helemaal geen feiten en berusten ze op emotie of onderzoeken die niet gelezen zijn. En dat doet pijn.

Mijn ouders, met name mijn moeder, kunnen zich nog geregeld verbazen over de onbevangenheid waarmee ik zo nu en dan weer eens in een nieuw project stap. Nu kun je dit ook wel naïef noemen, maar ik vind onbevangen toch mooier klinken. Dan krijg ik meestal te horen: kan een ander dat niet doen? Of nog mooier in het geval van deze columns: de mensen zijn je echt wel een keer zat hoor Hans..... van je eigen moeder.... Maar ze meent het goed.

Soms slaat die verbazing toch om in begrip. Ik ben op twitter en instagram een account begonnen met de naam Koeiemorgen,

 Zaterdagochtend fietste er een gezin langs mijn kippenverblijf. Ze hadden al een tijdje bij de uitloop gestaan om de kippen te bekijken.

Op een hete dinsdagmiddag, ruim boven de 30 graden, belde een boer naar onze praktijk dat koe Coba opeens bijna geen melk meer gaf.

Het is bijna Bevrijdingsdag. Toch een moment om hier ook in deze column bij stil te staan. Wat betekent het voor mij. Als ik aan Bevrijdingsdag denk, denk ik eigenlijk direct aan voedsel en het landbouwbeleid sindsdien. Na de oorlog wilde men nooit meer honger er moest genoeg veilig en goedkoop voedsel komen. Heel veel landbouwbeleid en regeltjes hebben nog hiermee te maken. 

Bij Bevrijdingsdag kan ik het niet helpen om ook te denken aan de eerste dag van het jaar dat mijn koeien weer naar buiten mogen.

© 2019 MelkNatuurlijk